We staan al weken te trappelen om met een groepje Prosac’ers naar Bleau te gaan. Het wachten is op een gunstig weekend. Al twee keer hebben een weekend vastgelegd, maar zijn de weersvoorspellingen niet goed genoeg om te gaan. In de tussenliggende weekenden dat we echt niet kunnen is het uiteraard wel mooi weer. De weersvoorspellingen voor het weekend zijn aan het begin van de week super, maar gedurende de week wordt het steeds ietsje minder. Voor vrijdag blijft de voorspelling top: zon. Erwin is al weken in topvorm en staat te popelen om zijn nieuwe crashpad in te wijden. Maar juist hij kan zijn afspraken niet verzetten voor dit weekend, met z’n vieren vertrekken we richting Bleau. Na een mistige reis komen we donderdagnacht in het volledig gerenoveerde (en fris ruikende) Formule1 van Melun.
| Het bos van Fontainebleau in herfstkleuren |
Vrijdag – Bas Cuvier
Vrijdagmorgen is het nog steeds mistig. Traditioneel voor de vrijdag staat Bas Cuvier op het programma. Ondanks de vochtig aanvoelende lucht is er met de frictie niet veel mis: als we achter in Cuvier onze spullen neerleggen komt net Timo Tak van het blok af nadat hij Super Prestat heeft geklommen.
We warmen wat verderop op in oranje 49. Een listig plaatje, maar lekker om in te komen en een paar keer te doen. Ik schiet wel in de lach als ik de waardering in de topo zie: 2c. Zoiets moeten we ook in de hal bouwen, met bijbehorende waardering!
Arnold is al begonnen in zijn meerjarenproject: Super Prestat. In de winter was hij er heel dichtbij. Nu staat hij in no time op deze megaklassieker. Zijn eerste 7b+ en wat voor een. Nadat hij alle felicitaties in ontvangst genomen heeft, vraagt Arnold of ik nog wat foto’s van hem in de boulder wil maken. Hij zegt dat hij de boulder tot ongeveer de helft nogmaals zal klimmen. Maar ik weet wel beter en jawel: nog geen vijf minuten na de eerste keer staat hij nogmaals boven. Nog voor het middaguur en de topprestatie is al geleverd.
| Arnold in Super Prestat | Topprestatie! |
Marc en Reinder stappen in de naastgelegen boulder Stalingrad. Een hoge 6b waarvan de laatste passen een grote aanslag doen op je zenuwen. Bij de instap merk ik dat ik helemaal geen zin heb om mijn zwakke zenuwen bloot te stellen aan deze boulder en dat ik graag zo snel mogelijk naar Super Forge wil. Reinder en Marc klimmen de boulder redelijk solide uit. Al komen ze nog shakend, maar voldaan vanachter het blok vandaan. Helden.
Het zou volledig tegen de voorspellingen in de hele dag bewolkt en waterkoud blijven. Ik heb het extra koud omdat ik weet dat ik bewust mijn donsjack in het warme F1 heb laten liggen, want de zon zou gaan schijnen. Ik doe nog een vijfje uit het rode circuit om weer warm te worden. Weer een stapje dichter bij de voltooiing van dit super mooie circuit. Vervolgens is het tijd om ‘randjes te rukken’. Al vrij snel zitten de beginbewegingen van Super Forge er weer in en kom ik op dezelfde hoogte als in februari. Na een aantal pogingen kan ik de beweging naar het medaillonnetje voor het eerst maken. Ik sta echter belabberd op links, maar als ik mijn rechtervoet op een randje plaats kan ik net bij de bovenkant van het medaillonnetje. Maar omdat ik volledig uitgestrekt sta kan ik nooit kracht op mijn rechterhand uitoefenen. Kortom aantikken en airtime pakken. Ondanks dat het maar paar passen zijn is hij stiekem toch wel hoog. De eerst passen kosten geen moeite meer. Pas halverwege begint voor mij de boulder. Voor de concentratie vind ik dit bijzonder lastig. Stap je gefocust in de boulder, ben je voor de crux deze al weer kwijt. Door de knik in het blok verandert de muur van licht liggend, naar licht overhangend. Daar wordt het aanzetten, randjes a la Denmat vastpakken en bijten.
Ik besluit om bij de volgende poging mijn rechtervoet niet op het randje te plaatsen, maar volledig te vertrouwen op links. Hierdoor kan ik beter indraaien en kan ik veel gecontroleerder naar het medaillonnetje. Ik kom wel beter bij het randje maar krijg er niet genoeg grip op, of mijn nagels achter om mijn gewicht omhoog te krijgen. In de pogingen erna kom ik niet verder. Nog een paar keer strand ik op deze pas. Helaas maar het zit er niet in vandaag. Zo dichtbij en het dan toch moeten laten lopen. Balen.
Met Marc loop ik naar Sanguine. Want het is inmiddels al te laat om door te lopen naar Cuvier Rempart (what’s new?). Een mooie 6b mantel die ik altijd op het einde van de dag probeer, om vervolgens na twee pogingen met gehannes met vreselijk verzuurde armen weer op te moeten geven. Dit keer lukt het zowaar om op het blok te komen. Deze boulder stond al heel lang op mijn wishlist. Marc mist net een paar centimeter lengte om de pas vanuit de heelhook makkelijk te maken naar het kommetje. Samen doen we nog wel een mooie feelgood 6a op hetzelfde blok: Coin de Arriere.
In de schemering sluiten we aan bij Reinder en Arnold die samen met Melle en Rianne in een steegje de boulders Ravensbruck en Dernier Jeu proberen. Erg knus daar met z’n zessen. Dernier Jeu wordt door Anrold en Reinder op ‘zeer elegante’ wijze uitgemanteld. Als ik eindelijk na veel pogingen de instap kan en aan de mantel moet beginnen kan ik geen grepen meer zien in het duister. In het echte donker wordt nog wel le Doigt gedaan, maar of daar grepen bij zijn gebruikt die niet tot de boulder behoren kan niemand op de grond met zekerheid zeggen. Tijd om op te stappen.
Melun blijkt behalve die gare flats langs de snelweg ook nog iets van een leuk centrum te hebben. Zo ontdek je na jaren Bleau toch nog nieuwe dingen. Een leuk restaurant vinden te voet is lastig, maar met inschakeling van Bart in NL komen we toch terecht in een leuk restaurant met goed voedsel.
Zaterdag – Rocher d’Avon Ouest
Voor BLOK willen we foto’s maken in dit nieuw geopend gebied. Bizar dat er nog zo veel boulders geopend konden worden zo dicht bij Fontainebleau. Wij rijden naar P2 van de topo. Dit blijkt niet echt een parkeerplaats te zijn, want er kan maar één auto staan. Genoeg voor ons. Wij hebben in het gebied afgesproken met Melle, Rianne, Roland en Maaike. Onder het medaillon van Obermann treffen we elkaar.
We lopen het prachtige van kleur veranderde bos in. In het zonlicht glinsteren de blaadjes in alle kleurschakeringen van groen, tot geel tot rood. Nog voor we bij klimbare blokken zijn hebben we al meer zon gezien dan gister. Het pad (Centier Blue 10) slingert de heuvels op en af en kronkelt als een bergweg tussen de blokken door, die hier en daar ontdaan zijn van hun mos. Met kleine witte pijltjes wordt de boulder en zijn verloop gemarkeerd. Door één symbooltje van nog geen halve centimeter lang is meteen duidelijk hoe een boulder loopt en van meer dan een meter afstand zijn ze bijna niet meer te zien.
De boulders bestaan over het algemeen uit duidelijke lijnen. De afsprong is hier en daar wat naar, maar met goed spotten (en gebruik van mephaken) goed te doen. We vermaken ons er deze dag prima, mede door het heerlijke weer.
| In beeld: | ||
| Op zoek naar de boulders uit de topo van Gilles Cottray | ||
| Melle en het medaillon van Obermann | Marc in 6a+ | |
| Roland in 5-je en Rianne in een 6a+ | ||
| Reinder in Le Solitaire Atterre | ||
| Roland in het begin van U96 | Maaike in de uitklim van U96 (6b+) | |
Binnenkort is er meer te lezen over dit nieuwe gebied in BLOK 5.
Zondag – Op zoek
Het is nat. Erg nat. We rijden op het gemak naar Fontainebleau om daar te ontbijten. Hopend op wat zonnestralen om het vocht te verdrijven. Dit keer houden we het bij een bescheiden ontbijt, zodat we nog ruimte hebben voor een heerlijk taartje. Na contact met de hulptroepen van gister blijken Elephant en Apremont zeiknat. Wij gaan het maar weer eens in Chance proberen. Maar Chanceloos doet zijn naam weer eer aan want de blokken zijn supernat. Het regent al een tijdje niet meer, maar het vocht uit de warmere lucht condenseert op de koudere blokken. Sommige blokken zitten vol met druppeltjes condens.
Toch nog maar proberen in 95.2, het is tenslotte nog steeds droog en het waait een beetje. Tegen beter weten in sjouwen we alle spullen omhoog. Aan het einde van het gebied zit zowaar een droog blok. Af en toe zien we wat blauwe lucht. We klimmen warm in twee blauwe boulders. Heerlijk toch dat boulderen. Als ik de tweede boulder haal krijg ik zowaar een goed gevoel over deze dag. Bij de herhaling van de boulder voel ik een paar druppels. Weg goede gevoel. En de druppels worden nu echte regen. Teleurgesteld lopen we terug. Vervolgens hebben we tot in NL onafgebroken regen.
Al met al toch twee dagen heerlijk geboulderd, genoten van een prachtig herfstbos en de Prosac-lat is dit weekend zelfs verlegd. Wij kunnen nu zeggen dat we tot 7b+ klimmen. Dank Arnold.
Posted under Bouldering, Trips
This post was written by martijn on December 10, 2009