Door blessures en sociale verplichtingen startte een verzwakt Prosac-team afgelopen zondag aan de eerste nationale boulderwedstrijd van 2009. In THEA werd fanatiek geboulderd, op jacht naar één van de vier wildcards voor de WorldCup in Monk.
Bij binnenkomst is het fijn te horen dat er ook een aantal 6a’s inzitten.
De boulders hebben voor de wedstrijd een waardering van 5, 10, 20, 40 en 60 punten. Ik zie tot mijn vreugde dat er 6 boulders van 5 punten zijn. Mijn doel van vandaag wordt dan ook mijn briefje vol krijgen: de beste 6 boulders tellen en ik zal blij zijn als ik in elk vakje een boulder kan opschrijven. Met 30 punten is het voor mij een geslaagde dag.
Met ruim 60 boulderaar(ster)s storten we ons rond elven op de 48 kwalificatie boulders. Alle makkelijke boulders zitten bij elkaar en rondom deze boulders is het een drukte van jewelste. Dan maar opwarmen in wat moeilijkers, een enkel pasje maken en er weer uitkomen. Het valt inderdaad niet mee die boulders net boven mijn ingeschatte niveau.
Om me heen worden al de meest zware boulders gedaan alsof het drietjes zijn. Ik begin warm te worden. De plaat is inmiddels rustig en daarop zijn twee 5-punten boulders en één 10-punten boulder. Als eerste probeer ik de blauwe. Een boulder waar nog snel de schroefgaten in de grote bolle grepen zijn afgeplakt. In deze boulder moet je je hand bij je voet neerzetten. Ik krijg mijn voet er wel onder, naast of tegen, maar niet op de greep. Ook de volgende plaatboulders lukken niet. In de moeilijker ingeschatte boulder kom ik nog het verst, maar ik mis wat grip op een van de laatste greepjes.
Op het rechte wanddeel bij het altaar is het inmiddels een stuk rustiger. Als eerste probeer ik de zwarte, ook deze valt tegen. Na een poging of vijf kom ik halverwege. Maar niet verder. Eerst maar even stoom afblazen en wat drinken. Met een leeg briefje begeef ik me naar de bar.
Na de verfrissing ga ik nog eens verder ploeteren in de zwarte. Na nog een aantal verwoedde pogingen haal ik uiteindelijk de top. Na ruim een uur zwoegen heb ik mijn eerste boulder gehaald. Enigszins opgelucht probeer ik ook maar de gele ernaast. Die gaat gelukkig een stuk makkelijker en heb ik snel.
Een beetje gedesillusioneerd sluit ik me weer aan bij Reinder en Arnold die op de paddenstoel bezig zijn. Arnold zegt dat ik deze boulders ook wel kan. Maar ik heb daar weinig vertrouwen in, gezien mijn geploeter op makkelijkere boulders. In de eerste boulder kom ik heel ver, maar kan ik de crux niet. Ondanks dat de rest eenvoudig gaat kan ik na tien pogingen de crux nogsteeds niet.
Een 20-punten boulder haal ik opeens in de tweede poging. Dat betekent dat ik mijn streefpunten gehaald heb, maar mijn streefaantal nog lang niet. Op de zijkant van de paddenstoel zit nog een mooie oranje. Het is bijna een route, maar met hele mooie bewegingen. Ook deze is snel in de pocket. Het begint zowaar ergens op te lijken. De tijd begint inmiddels wat te dringen en de armen beginnen al zwaar te worden. Toch kan ik nog een aantal 10- en 20-punten boulders intikken.
Tijdens het proberen van andere boulders heb ik een tijdje gekeken naar boulderaars die moeite hebben met een zwarte boulder. De boulder start op twee aflopende (knijp)grepen, vervolgens moet je je voet links neerzetten en rustig naar een iets aflopend randje rijken. Vanaf daar is het springen naar de rand. De meesten die ik de boulder nu zie proberen hebben flink wat pogingen nodig om de boulder te halen. Als ik hem probeer heb ik hem in de eerste poging. Weer een 20-punten boulder rijker! Vandaag gaan de hoger ingeschaalde boulders het makkelijkst.
Uiteindelijk eindig ik met drie 20-punten en kan ik zelfs kiezen welke drie 10-punten boulders ik op mijn briefje noteer. Met 90 punten eindig ik ver boven mijn verwachte aantal. De boulders die het minste moeite kosten leverde de meeste punten op.
Ook voor Arnold en Reinder is de kwalificatieronde het eindstation, niemand van de Prosac haalt de finale (beste 12). Arnold en Reinder zijn geëindigd op de gedeelde 21e plek. Ik wordt gedeeld 30e. Daarmee wordt ik gedeeld laatste, maar ja iemand moest het worden en dan kun je die ‘eer’ maar beter met z’n vieren delen.
Na de een lange periode van wachten volgt de damesfinale die tot het einde toe spannend blijft omdat de boulders zo hard zijn dat er weinig getopt worden. Ook bij de heren zijn snoeiharde boulders gebouwd. Uiteindelijk is nog een superfinale nodig om te bepalen of Rens of Bart de laatste wildcard krijgt. Wie in de eerste poging het verst komt in de eerste poging wint. Rens begint niet op de goede grepen (niet goed uitgelegd door de jury?) en snijdt de boulder af, maar wordt uit de boulder gehaald door de jury. Hij moet terug naar de isolatie en mag na de poging van Bart nogmaals zijn kunsten vertonen. Bart haalt bijna de eindgreep van deze route. Rens komt minder ver, waarmee Bart zich in Eindhoven met de wereldtop mag meten.
Posted under Uitslag
This post was written by martijn on April 3, 2009